Zie om, broeders en zusters,
naar mensen die brood broodnodig hebben
om hun honger te stillen.
Bakkers hebben in dit brood gestopt
wat mensen goed doet en kracht geeft.

ethiopi etende mannen

We hebben veel soorten brood meegebracht;
we willen ermee laten zien
dat we van pluriformiteit en veelvormigheid houden.
Mensen en broden maken duidelijk
dat we een gemeenschap vormen.
Laten we de broden die we hebben meegebracht zegenen,
zoals Jezus het brood zegende
voordat hij het brak en uitdeelde.

- Ik heb roggebrood meegebracht.
Het was het brood van arme mensen,
Het herinnert aan vrouwen en mannen
die keihard moeten werken voor een karig bestaan.
De zegen over dit brood is:
God, schenk ons de levensmoed
die armen vaak hebben
en laat ons meedelen van wat we hebben,
zoals zij dat vaak heel goed kunnen.

- Ik heb meergranen-brood meegebracht.
Het verbeeldt onze veelvormige
en veelkleurige samenleving
en onze wereldwijde kerk.
De zegenwens bij dit brood luidt:
God schenk ons de wisselwerkende kracht
van mannen en vrouwen,
van volken en culturen.
Dat we samenwerken aan uw koninkrijk.

- Ik bracht een volkorenbrood mee voor deze tafel.
Het brengt ons in herinnering al die mensen
die door het leven platgeslagen zijn,
die door anderen onderdrukt worden
en naar de rand geschoven.
Mijn zegenwens hierbij is:
God, geef ons de kracht
voor gerechtigheid om op te komen
en zo mensen weer op te richten.

- Ik bracht rijstkoeken mee.
Ze herinneren ons aan mensen in arme landen
die moeten rondkomen van heel weinig,
die zien, dat hun kinderen honger lijden,
die geen toekomst zien.
Mijn zegenwens is:
God schenk ons ogen die noden zien
en helpende handen die noden verlichten.

- Ik bracht een vlaai mee voor deze solidariteitsmaaltijd.
Ook in Zuid Afrika bakken vrouwen vlaaien
als ze iets te vieren hebben.
Laat deze vlaai ons in dankbaarheid herinneren
dat er aan de discriminatie en apartheid
van gekleurde mensen in Zuid Afrika
een einde kwam.
De zegenwens luidt bij deze vlaai is:
God, behoed onze zusters en broeders
op het zuidelijk halfrond
voor blanke, Westerse aanmatiging en dominantie.

- Ik heb tortilla’s meegebracht,
het brood van Latijns Amerika, gebakken van gemalen maïs..
Het herinnert aan de Indiaanse volken,
en hun lijden de afgelopen 500 jaar.
Maar ook aan hun strijd om het behoud
van hun cultuur en hun geloof.
En mijn zegenwens luidt:
God, verijk ons leven en ons geloof
met de rijkdom van medegelovigen
waar ter wereld ook.

- Ik bracht brood mee gebakken met zonnebloempitten.
Het herinnert aan mensen
die geen licht meer zien en zonder hoop zijn,
zieke, oude en eenzame mensen.
En mijn zegenbede is:
God, schenk hoop aan wie vertwijfeld is,
geef ons de zekerheid van een leven na de dood.

- Ik heb kleine broodjes meegebracht,
die ons doen denken aan kinderen,
dichtbij in ons eigen land en ver weg.
Zij verbeelden onze liefde
en onze hoop en ons geloof in toekomst.
En als zegenwens:
God, begin en einde van alles en allen,
zegen onze kinderen,
en help ons om van uw wereld
een plaats te maken waar het goed toeven is,
voor hen en alle mensen.

Naar: Dian Neu/Mary E. Hunt,
Liturgies of Solidarity